Voor de afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden geldt in 2025 een speciale regeling, waardoor nabestaanden een kapitaal tot €5.429 ineens kunnen ontvangen. U betaalt hierover wel inkomstenbelasting, maar bent vrijgesteld van revisierente. Dit artikel licht de mogelijkheden en voorwaarden uitgebreid toe.
Samenvatting
- In 2025 kunnen nabestaanden een kleine lijfrente tot €5.429 ineens afkopen bij overlijden zonder revisierente, maar er is wel altijd inkomstenbelasting verschuldigd.
- De afkoop moet plaatsvinden uiterlijk 31 december van het tweede jaar na het kalenderjaar van de contractuele ingangsdatum, met mogelijke verlenging bij bijzondere omstandigheden.
- Afkoop verhoogt het belastbaar inkomen in Box 1 en kan invloed hebben op toeslagen en heffingskortingen.
- Alternatief voor afkoop is periodieke uitkering, die belastingdruk spreidt en toeslagen minder kan beïnvloeden.
- Vooraf contact opnemen met de aanbieder en zorgvuldig documentatie indienen is essentieel voor een correcte afhandeling en belastingaangifte.
Wat is afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden?
Afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden is de mogelijkheid voor nabestaanden om te kiezen voor een eenmalige uitkering van het opgebouwde lijfrentekapitaal, in plaats van periodieke betalingen. Deze specifieke regeling in Nederland is van toepassing wanneer de totale waarde van de lijfrente onder een wettelijk vastgestelde afkoopgrens valt. Een belangrijk kenmerk is dat deze afkoopregeling per begunstigde of erfgenaam kan worden toegepast, wat flexibiliteit biedt bij de verdeling van nalatenschappen. Dit recht op afkoop ontstaat nadat de oorspronkelijke lijfrentehouder is overleden, en stelt erfgenamen in staat om snel over middelen te beschikken. Gezien een overlijden doorgaans een moeilijk moment is, waarbij veel praktische zaken geregeld moeten worden, biedt deze afkoopregeling een welkome verlichting. Hierdoor kunnen nabestaanden financiële duidelijkheid creëren zonder de verplichting van langdurige, vaak geringe, maandelijkse uitkeringen.
Voorwaarden voor afkoop van kleine lijfrente bij overlijden
Voor de afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden gelden specifieke voorwaarden die bepalen of u in aanmerking komt voor deze eenmalige uitkering. Deze voorwaarden omvatten onder meer de vastgestelde maximale afkoopbedragen, de termijn waarbinnen afkoop moet plaatsvinden, en bijzondere regels voor nabestaandenlijfrentes. De details hiervan worden in de volgende paragrafen toegelicht.
Definitie en maximale afkoopbedragen in 2025
Voor de definitie van een kleine lijfrente bij overlijden in 2025 geldt dat de afkoopsom niet meer mag bedragen dan €5.429. Dit specifieke bedrag is cruciaal, aangezien revisierente alleen verschuldigd is indien de afkoopsom deze drempel van €5.429 overschrijdt. Deze regeling maakt het voor nabestaanden mogelijk om over een dergelijke beperkte erfenis te beschikken zonder de extra heffing van revisierente, mits aan de wettelijke voorwaarden is voldaan.
Specifieke voorwaarden voor nabestaandenlijfrente
De specifieke voorwaarden voor een nabestaandenlijfrente richten zich op de begunstigden en de ingangsdatum van de uitkeringen, wat cruciaal is bij een mogelijke afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden. Een nabestaandenlijfrente is primair bedoeld om directe nabestaanden, zoals een partner of kind, na het overlijden van de oorspronkelijke lijfrentehouder van inkomen te voorzien. De uitkeringen gaan doorgaans in na het overlijden van de belastingplichtige of diens (gewezen) partner. Nabestaanden die recht hebben op een dergelijke lijfrente moeten de termijnen hiervan uiterlijk vaststellen in het jaar van overlijden plus de twee volgende kalenderjaren. Een belangrijke uitzondering is dat uitstel van de ingangsdatum is toegestaan als de begunstigde recht heeft op een uitkering conform de Algemene nabestaandenwet (Anw). Hierbij mag de lijfrente echter niet ingaan op een willekeurig gekozen tijdstip tussen het overlijden en het einde van de Anw-uitkering.
[hf_cta_row]
Termijn en uiterste datum voor afkoop
Voor de afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden geldt een uiterste datum van 31 december van het tweede kalenderjaar volgend op het kalenderjaar van de contractueel overeengekomen datum, waarna de aanspraak geacht wordt afgekocht te zijn als termijnen niet zijn vastgesteld. Deze wettelijke bepaling is vastgelegd in artikel 3.133, lid 3 van de Nederlandse wetgeving en zorgt voor duidelijkheid over de afhandeling van lijfrentes waarbij de uitkering nog niet tot stand is gekomen. De inspecteur kan deze termijn echter verlengen bij bijzondere omstandigheden waardoor het vaststellen of omzetten van de lijfrente niet eerder kon plaatsvinden. Dit biedt nabestaanden in uitzonderlijke situaties flexibiliteit om de nodige stappen voor de afhandeling van de lijfrente te regelen.
Fiscale regels en belastinggevolgen bij afkoop kleine lijfrente
Bij de afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden krijgt u te maken met specifieke fiscale regels en belastinggevolgen. U betaalt over de afkoopsom inkomstenbelasting, maar bent onder voorwaarden vrijgesteld van revisierente. Dit kan ook invloed hebben op uw toeslagen, zoals in de volgende secties wordt uitgelegd.
Inkomstenbelasting over afkoopsom
Wanneer u een afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden ontvangt, wordt dit bedrag in Nederland belast met inkomstenbelasting, daar het als inkomen wordt gezien. Deze afkoopsom valt doorgaans in box 1 van de inkomstenbelasting, waar uw inkomen uit werk en woning ook wordt belast. De belasting over de afkoopsom in 2025 wordt berekend over de volledige som indien alle premies en stortingen eerder fiscaal zijn afgetrokken. Als niet alle premies en stortingen afgetrokken zijn, wordt de inkomstenbelasting alleen over het niet-afgetrokken deel berekend. Dit betekent dat het afkoopbedrag wordt opgeteld bij uw totale inkomen, wat u mogelijk in een hogere belastingschijf kan plaatsen. Personen die een lijfrente afkopen en hierdoor boven een inkomen van €73.031 komen in 2025, betalen over het meerdere het hoogste belastingtarief van 49,5 procent in Box 1. Het is daarom essentieel om de mogelijke fiscale gevolgen zorgvuldig te overwegen alvorens tot afkoop over te gaan.
Vrijstelling van revisierente boete
Bij de afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden kunt u onder specifieke voorwaarden vrijgesteld zijn van de revisierente boete. Deze revisierente is doorgaans een boete van 20 procent die de Belastingdienst in 2025 oplegt bij voortijdige afkoop van een lijfrente. Echter, er gelden uitzonderingen waardoor u deze heffing niet hoeft te voldoen. Een belangrijke vrijstelling is van toepassing wanneer het afkoopbedrag van de lijfrente onder een bepaalde grens valt; in 2022 was dit bijvoorbeeld € 4.607. Ook kunnen belastingplichtigen vrijstelling krijgen voor revisierente bij afkoop als zij te maken hebben met langdurige arbeidsongeschiktheid. Deze vrijstellingen voorkomen dat nabestaanden onbedoeld extra financieel worden belast bij een afwikkeling na overlijden, mits aan de gestelde voorwaarden wordt voldaan. Het is raadzaam om de actuele grensbedragen voor 2025 te controleren bij de Belastingdienst of uw financiële adviseur, aangezien deze jaarlijks kunnen wijzigen.
Invloed op het inkomen van de belastingplichtige
De afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden kan, naast de directe belastingheffing in Box 1, aanzienlijke invloed hebben op het totale netto inkomen van de belastingplichtige door de gevolgen voor heffingskortingen en toeslagen. Een eenzijdige verhoging van het belastbaar inkomen door een afkoopsom kan namelijk de belastingaangifte en toeslagen beïnvloeden. Zo kan een hoger verzamelinkomen leiden tot een verminderd recht op toeslagen, zoals huur- of zorgtoeslag, of zelfs tot het geheel wegvallen ervan. Ook heeft een veranderde inkomenssituatie gevolgen voor het gebruik van heffingskortingen, die normaal uw belastingdruk verlagen. Het is cruciaal om dit totale inkomen, inclusief de lijfrente-uitkering, in overweging te nemen, aangezien dit direct impact heeft op uw uiteindelijke netto inkomen.
Alternatieven voor uitkering van lijfrentekapitaal bij overlijden
Na het overlijden van de lijfrentehouder zijn er, naast de mogelijkheid tot afkoop van een kleine lijfrente, diverse alternatieven voor de uitkering van het lijfrentekapitaal. U kunt als begunstigde bijvoorbeeld kiezen voor periodieke uitkeringen, of in sommige gevallen de uitkering van het kapitaal uitstellen. De keuze tussen een eenmalige afkoop, periodieke uitbetalingen of uitstel heeft aanzienlijke financiële en fiscale gevolgen, die we in de volgende subsecties gedetailleerd bespreken.
Uitkering als periodieke lijfrente versus eenmalige afkoop
De keuze tussen periodieke lijfrente-uitkeringen en een eenmalige afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden hangt af van uw behoefte aan directe liquiditeit versus de wens voor gespreide inkomsten. Een periodieke lijfrente zorgt voor een stabiel inkomen op vaste momenten, zoals maandelijks of jaarlijks, en kan tijdelijk of levenslang worden uitgekeerd. Deze vorm biedt financiële zekerheid en spreidt de belastingdruk over een langere periode. Een eenmalige afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden biedt u daarentegen direct toegang tot het volledige bedrag. Hoewel een eenmalige afkoop doorgaans leidt tot een hogere belastingbetaling en revisierente, geldt voor kleine lijfrentes een belangrijke uitzondering. Voor lijfrenten met een waarde onder € 5.429 in 2025, is afkoop mogelijk zonder de gebruikelijke revisierente, al blijft inkomstenbelasting verschuldigd. De optimale keuze hangt daarom af van uw behoefte aan directe middelen of een gespreid inkomen, en de fiscale gevolgen in uw specifieke situatie.
Voordelen en nadelen van afkoop versus uitkering
Wanneer u als nabestaande overweegt tot afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden, is het cruciaal om de diverse voor- en nadelen van een eenmalige uitkering tegenover periodieke betalingen zorgvuldig af te wegen voor uw financiële situatie.
- Een directe afkoopsom biedt u onmiddellijke liquiditeit bij een financiële tegenvaller of plotselinge geldbehoefte.
- Echter, een eenmalige uitbetaling kan de inkomstenbelasting in het jaar van afkoop significant verhogen, tot wel 52% voor oud-regime lijfrentes.
- Bovendien kan de afkoopsom leiden tot een verlaging of wegvallen van inkomensafhankelijke toeslagen, zoals de AOW-partnertoeslag of Anw-uitkering.
- Kiest u voor periodieke uitkeringen, dan spreidt u de belastingdruk en behoudt u mogelijk uw recht op toeslagen.
- Houd er rekening mee dat de afkoop van uw lijfrente een definitieve beslissing is die niet teruggedraaid kan worden, wat langetermijngevolgen heeft.
Stappen om afkoop van kleine lijfrente bij overlijden te regelen
Het regelen van de afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden omvat een gestructureerd proces dat u zorgvuldig dient te volgen. Dit traject start met het vaststellen of uw lijfrente voldoet aan de gestelde voorwaarden en eindigt met de uiteindelijke afhandeling en belastingaangifte. De gedetailleerde stappen hiervoor worden in de onderstaande subsecties nader toegelicht.
Beoordeling of lijfrente onder kleine lijfrente regeling valt
Om te bepalen of een lijfrente in aanmerking komt voor de regeling afkoop kleine lijfrente bij overlijden, dient u de totale waarde van het lijfrentekapitaal zorgvuldig te beoordelen. Deze beoordeling is cruciaal, aangezien de afkoopsom bij overlijden in 2025 maximaal € 5.429,- mag bedragen voor vrijstelling van revisierente. Het is hierbij essentieel om het totale saldo van al uw lijfrentes bij dezelfde aanbieder te cumuleren; alleen als dit gezamenlijke bedrag onder de grens blijft, is afkoop als kleine lijfrente mogelijk. Lijfrenten die al in de uitkeringsfase zijn, tellen overigens niet mee voor deze cumulatiebepaling. Indien er sprake is van meerdere gerechtigden na overlijden, wordt de grens van € 5.429,- per individuele begunstigde getoetst. Een gedegen check met uw verzekeraar of bank is dan ook onmisbaar om de juiste kwalificatie te waarborgen en onnodige fiscale gevolgen te voorkomen.
Contact opnemen met aanbieder of verzekeraar
Om de afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden te regelen, dient u direct contact op te nemen met de aanbieder van de lijfrente. Deze partij, uw bank of verzekeraar, verstrekt u de specifieke voorwaarden en benodigde documenten voor de aanvraag. Doorgaans kunt u binnen twee werkdagen een reactie verwachten, telefonisch of per e-mail. Hoewel u veelal rechtstreeks contact kunt hebben met de verzekeraar voor de afhandeling, is het bij twijfel over de procedure of fiscale gevolgen raadzaam een gespecialiseerde adviseur te raadplegen. Een adviseur kan u helpen de ontbrekende informatie te verzamelen, de aanvraag te begeleiden en te beoordelen of de afkoop in uw situatie de meest passende optie is. Dit voorkomt mogelijke complicaties en zorgt voor een weloverwogen beslissing, waarbij ook alternatieven voor de eenmalige afkoop worden overwogen.
Indienen van aanvraag en benodigde documenten
Voor het indienen van een aanvraag voor de afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden, dient u de benodigde documenten bij de aanbieder aan te leveren. Deze documenten omvatten doorgaans een kopie van de overlijdensakte, bewijs van uw identiteit als begunstigde en relevante fiscale gegevens. De aanbieder van de lijfrente zal u specifiek verzoeken om alle vereiste stukken en aanvullende informatie voor een volledige aanvraag. Het is cruciaal dat u deze aanvullende documenten zo spoedig mogelijk aanlevert om de verwerking van de afkoop van de kleine lijfrente niet te vertragen. Na ontvangst zal de aanbieder de aanvraag beoordelen, waarbij eventueel nog om extra stukken kan worden gevraagd ter completering van uw dossier.
Ontvangst van afkoopsom en belastingaangifte
Na de afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden ontvangt u de afkoopsom, die fiscaal behandeld wordt als belastbaar inkomen. Dit ontvangen bedrag ineens is in Nederland belastbaar met loonheffingen. U dient dit bedrag op te geven als inkomen in uw jaarlijkse aangifte inkomstenbelasting, vooral als de premies eerder waren afgetrokken. Het is cruciaal dat u de belastingaangifte nauwkeurig invult om een correcte berekening door de Belastingdienst te waarborgen. Hoewel de Belastingdienst vaak een vooringevulde aangifte verstrekt ter vereenvoudiging, blijft het uw verantwoordelijkheid deze goed te controleren en indien nodig aan te passen. Na het indienen van uw aangifte ontvangt u de definitieve belastingaanslag.
Veelgestelde vragen over afkoop kleine lijfrente bij overlijden
Wat is de maximale waarde voor een kleine lijfrente in 2025?
De maximale waarde die een lijfrente mag hebben om in 2025 als kleine lijfrente voor afkoop bij overlijden te worden aangemerkt, bedraagt € 5.429. Dit bedrag wordt jaarlijks aangepast door de Nederlandse overheid. Wanneer de waarde van de lijfrente onder deze grens valt, is afkoop zonder de gebruikelijke revisierente mogelijk. De ontvangen afkoopsom blijft echter wel onderworpen aan inkomstenbelasting in Nederland. Deze specifieke afkoopmogelijkheid verlicht de administratieve last voor nabestaanden bij kleinere bedragen, waardoor zij niet geconfronteerd worden met complexe uitkeringsverplichtingen.
Betaal ik altijd belasting bij afkoop?
Ja, bij de afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden is de uitgekeerde afkoopsom in beginsel altijd onderhevig aan inkomstenbelasting. Dit bedrag kwalificeert als loon uit vroegere dienstbetrekking en valt daarom in Box 1, waarbij de hoogte van de belasting afhangt van uw totale jaarinkomen en de progressieve tarieven die de Belastingdienst hanteert. Hoewel de vrijstelling van revisierente een belangrijk voordeel is bij de afkoop van een kleine lijfrente, ontslaat dit u niet van de plicht om inkomstenbelasting te betalen over de afkoopsom.
Kan ik afkoop regelen zonder revisierente te betalen?
Ja, het is mogelijk om de afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden te regelen zonder de gebruikelijke revisierente te betalen. Doorgaans leidt de afkoop van een lijfrentepolis ineens tot revisierenteheffing, omdat dit wordt gezien als een voortijdige beëindiging van een fiscaal begunstigde regeling. Echter, de Nederlandse wetgeving maakt een uitzondering voor specifieke situaties, waaronder de afkoop van kleine lijfrentes na overlijden van de oorspronkelijke verzekeringnemer. Deze vrijstelling is specifiek van toepassing wanneer de afkoopwaarde van de lijfrente onder de wettelijk vastgestelde grens voor een kleine lijfrente blijft. De achterliggende gedachte van deze regeling is het ontlasten van nabestaanden en het vereenvoudigen van de afwikkeling van relatief kleine vermogens bij overlijden. Hierdoor kunnen zij het bedrag snel ontvangen zonder de extra financiële sanctie van revisierente.
Wat gebeurt er als het lijfrentekapitaal hoger is dan de afkoopgrens?
Indien het lijfrentekapitaal bij overlijden hoger is dan de vastgestelde afkoopgrens, valt de afkoop niet meer onder de gunstige regeling voor kleine lijfrentes. U krijgt dan te maken met de reguliere fiscale gevolgen, waaronder zowel inkomstenbelasting als de revisierente die kan oplopen tot maximaal 20 procent van het afgekochte bedrag. Dit bedrag wordt belast als inkomen in Box 1, waarbij het vaak onder het hoogste belastingtarief van 52% valt, afhankelijk van uw totale jaarinkomen. Dit leidt tot een aanzienlijk lagere netto uitkering dan wanneer de lijfrente wel onder de kleine lijfrente regeling zou vallen. Het is dan vaak fiscaal voordeliger om het lijfrentekapitaal niet in één keer af te kopen, maar te kiezen voor een periodieke uitkering. Overleg met een financieel adviseur is essentieel om de meest optimale afwikkeling te bepalen en onnodige heffingen te voorkomen.
Hoe verschilt afkoop bij nabestaandenlijfrente van gewone lijfrente?
De afkoop van een nabestaandenlijfrente bij overlijden onderscheidt zich fundamenteel van een gewone lijfrente door haar inherente doel: het veiligstellen van inkomen voor begunstigden. Bij een klassieke lijfrente stopt de uitkering doorgaans bij het overlijden van de verzekerde, wat onzekerheid voor nabestaanden kan opleveren. Daarentegen komt het lijfrentekapitaal van een nabestaandenlijfrente juist beschikbaar wanneer de verzekeringnemer voor de einddatum overlijdt, specifiek bestemd voor de nabestaanden. Begunstigden hebben dan de keuze het kapitaal om te zetten in periodieke uitkeringen, of, onder strikte voorwaarden, over te gaan tot afkoop van de kleine lijfrente bij overlijden. Deze afkoop is zonder revisierente mogelijk indien het bedrag in 2025 minder is dan €5.427,00 en de begunstigde geen andere afkoopbare of direct ingaande lijfrenten heeft bij dezelfde verzekeraar. Dit biedt nabestaanden specifieke fiscale voordelen en flexibiliteit die een gewone lijfrente niet biedt, mits aan alle voorwaarden wordt voldaan.
Lijfrente afsluiten: belangrijke aandachtspunten en voorwaarden
Wanneer u overweegt een lijfrente af te sluiten, is het cruciaal om verder te kijken dan alleen de opbouwfase. De voorwaarden van uw lijfrenteproduct bepalen de flexibiliteit en de financiële gevolgen bij belangrijke levensgebeurtenissen, zoals de afkoop van een kleine lijfrente bij overlijden, wat specifieke financiële en fiscale gevolgen met zich meebrengt.
In de praktijk zijn er drie cruciale ‘S-en’ die u bij het afsluiten van een lijfrente altijd moet overwegen, aangevuld met de algemene productvoorwaarden:
- Sterven: Welke afspraken gelden voor het lijfrentekapitaal bij overlijden, en hoe worden begunstigden fiscaal behandeld?
- Scheiden: Hoe wordt de waarde van de lijfrente verdeeld bij echtscheiding en welke fiscale implicaties zijn hieraan verbonden?
- Schenken: Onder welke voorwaarden kunt u (een deel van) uw lijfrente schenken, en wat zijn de gevolgen voor de ontvanger en de schenkbelasting?
- De algemene productvoorwaarden: Let op aspecten als kostenstructuur, beleggingsmogelijkheden en de flexibiliteit om de lijfrente tussentijds aan te passen.
Een zorgvuldige afweging van deze aspecten voorkomt onverwachte financiële en fiscale verrassingen later in het leven en zorgt ervoor dat uw lijfrente optimaal aansluit bij uw persoonlijke omstandigheden.
Lijfrente vergelijken: hoe kies je het beste product voor jouw situatie?
Om het beste lijfrenteproduct voor uw situatie te kiezen, dient u diverse opties grondig te vergelijken op basis van uw persoonlijke financiële situatie, wensen en toekomstige doelen. De meest geschikte invulling van uw lijfrente hangt immers sterk af van uw financiële doelstellingen en overige inkomsten. Het is cruciaal om zowel lijfrentepolissen van verzekeraars als bankspaarproducten goed tegen elkaar af te wegen. Een weloverwogen keuze tussen lijfrente en banksparen, bijvoorbeeld zoals in het geval van pensioenproducten bij een slapende BV, hangt af van persoonlijke en financiële factoren.
Hieronder vergelijken wij de belangrijkste overwegingen bij deze keuze:
| Criterium | Lijfrente (verzekeraar) | Banksparen (bank) |
|---|---|---|
| Aanbieder | Verzekeraar | Bank |
| Producttype | Verzekeringspolis | Geblokkeerde rekening |
| Kostenstructuur | Premies, beheer | Vaak lager |
| Beleggingsrisico | Afhankelijk van polis | Vaak beperkter |
| Fiscale flexibiliteit | Kan complex zijn | Eenvoudiger |
| Rendementspotentieel | Vaak hoger | Meestal lager |
Via een vergelijkingstool voor lijfrente kunt u eenvoudig aanbiedingen naast elkaar zetten om de beste optie te bepalen. Houd er rekening mee dat het beste passende lijfrenteproduct afhankelijk is van uw wensen, situatie, het soort lijfrenteproduct en de belastingregels van de particulier. Onafhankelijk advies kan u helpen een product te vinden dat optimaal aansluit bij uw specifieke omstandigheden en lange termijn planning.
ING zakelijke spaarrekening: relevantie voor lijfrente en vermogensopbouw
Een ING zakelijke spaarrekening is relevant voor vermogensopbouw en lijfrenteplanning doordat u hiermee zakelijke middelen gescheiden en efficiënt beheert. Voor een ING zakelijke spaarrekening is een zakelijke betaalrekening vereist. Dit helpt u bij het opbouwen van een zakelijke buffer, terwijl u fiscaal vriendelijk vermogen opbouwt voor uw pensioen via lijfrente.
De ING Zakelijk bankrekening wordt beschouwd als een betrouwbare keuze, vaak gebruikt door zzp’ers en startende ondernemers die functionaliteiten als sparen en beleggen waarderen. Hoewel een zakelijke spaarrekening primair dient voor bedrijfsreserves, zoals voor btw of investeringen, biedt lijfrente opbouw via banksparen of een verzekering specifieke fiscale voordelen. Houd er echter rekening mee dat de keuze voor lijfrente bij vermogensopbouw de flexibiliteit in de besteding van geld beperkt, aangezien het ingelegde kapitaal niet zomaar voor andere doeleinden beschikbaar is. In 2025 bedragen de kosten per extra betaling op een spaarrekening binnen het Ondernemerspakket van ING €0,20.